Oeganda 2007, een slachtoffer van de LRA. Foto Manoocher Deghati / IRIN News

Afrika | 8 februari 2021 | by guest blogger

0
Oeganda 2007, een slachtoffer van de LRA. Foto Manoocher Deghati / IRIN News

Vrede vraagt strafrecht én verzoening

gastblog door Bert van Roermund

Het Internationaal Strafhof (ICC) in Den Haag heeft op 4 februari j.l. Dominic Ongwen (45) schuldig bevonden aan 61 van de 70 aanklachten wegens oorlogsmisdaden en misdaden tegen de menselijkheid. De strafmaat zal in een verdere procedure worden bepaald.

Ongwen was een belangrijke aanvoerder in het Verzetsleger van de Heer (LRA) onder leiding van de nog altijd niet gearresteerde Joseph Kony. Het LRA heeft zijn basis in Noord-Oeganda, maar oefende terreur uit in de Centraal Afrikaanse Republiek, Zuid-Soedan en Noord-Oost Congo. Ongwen was als 14-jarig kind ook ontvoerd, mishandeld en gehersenspoeld door datzelfde LRA. Net zo lang tot hij het gewoon vond, ja er een eer in stelde, om te doden, te verkrachten, en kindsoldaten te in te zetten bij LRA-acties.

Volgens Lino Owor Ogora, een vredeswerker in Noord-Oeganda en Zuid-Soedan sinds 2006, zijn de reacties op het vonnis van het ICC daar gemengd, zoals ze dat ook hier zijn. Enerzijds is er overweldigend bewijs van de feiten die ten laste zijn gelegd, zodat het ICC – toch al worstelend met zijn reputatie, vooral in Afrika – zijn gezag zou verliezer als het niet tot een veroordeling had besloten. Er is dan ook geen ruimte voor ontslag van rechtsvervolging, laat staan vrijspraak, in deze zaak tegen één van de kopstukken van één van de meest gewelddadige terreurgroepen ter wereld. Ongwens slachtoffers en hun overlevenden zijn opgelucht dat het zes jaar na zijn gevangenneming tot een veroordeling is gekomen.

Anderzijds is er even hard bewijs voor het feit dat Ongwen zelf slachtoffer van het LRA was en waarschijnlijk psychisch zo ontredderd is geraakt dat hij verslaafd werd aan wreedheid. In zijn naaste omgeving zijn er daarom de nodige stemmen die ervoor pleiten om dat in de strafmaat tot uiting te brengen. Daarna (en daardoor) zou er ruimte ontstaan voor Ongwens stamverband om een proces van verzoening en reïntegratie in gang te zetten.

Het proces tegen Ongwen begon in 2016. Van zijn, naar schatting, tienduizenden slachtoffers voegden zich er 4065 in de procedure. De aanklager bracht 116 getuigen naar voren, de verdediging 54. Zij wezen vooral op het slachtofferschap van Ongwen, maar vonden ook dat andere daders eerder voor berechting in aanmerking zouden moeten komen: in de eerste plaats Kony vanwege zijn ronselpraktijken en andere wreedheden, in de tweede plaats de regering Museveni en de legerleiding in Oeganda, omdat zij Dominic destijds niet tegen het LRA hebben beschermd. De procesgang bij het ICC voorziet niet in dergelijke beschuldigingen. Maar eigenlijk raken ze de kern van de zaak.

In de getroffen Afrikaanse regio’s verkeren velen in de verwachting dat, nu er schuld is uitgesproken, ook schadevergoeding zal volgen. ‘Ze’ zullen moeten betalen. Treurig genoeg zijn er ook al ruzies tussen slachtoffers geweest over de vraag wie zich daarvoor mag melden. Maar wie zijn ‘ze’? En wat geldt als ‘betaling’? Zal de internationale gemeenschap, zullen de vier regeringen van de African Union, en zal vooral de Oegandese staat erkennen dat ze tekortgeschoten zijn in de bescherming tegen het LRA?

Gevreesd moet worden, ten eerste dat er geen aansprakelijkheid erkend zal worden, en ten tweede dat eventuele aanwending van (internationale) fondsen in de corrupte zakken van Museveni zal verdwijnen. Vandaar les 1 uit deze zaak: geen vredeswerk zonder corruptiebestrijding. In de tweede plaats toont dit proces hoe weinig het strafrecht vermag als het gaat om het stichten, herstellen, of behouden van politieke vrede. Want, nog afgezien van de povere rechtsmiddelen die het kan inzetten, de categorieën waarmee het moet werken, passen niet op de weerbarstige werkelijkheid. Er is geen scherpe scheidslijn tussen kind en volwassene, slachtoffer en dader, schuldig en onschuldig, oorzaak en gevolg, al helemaal niet waar het oorlog, geweld, onderdrukking en discriminatie betreft. Les 2: vredeswerk is te belangrijk om het aan het strafrecht over te laten. Waarmee in het geheel niet gezegd is dat het ICC onbelangrijk is. Al was het maar om Kony te pakken.

Prof. dr. Bert van Roermund is rechtsfilosoof en lid van de Pax Christi Ledenraad.

PAX werkt sinds het begin van de jaren 90 in de regio, en staat in contact met slachtoffers, daders en de getroffen gemeenschappen.

Zie ook ons programma Aandacht voor masculiniteit in door LRA-geweld getroffen gemeenschappen

 

Tags: ,



About the Author



Comments are closed.

Back to Top ↑
  • Een jaar vredeswerk in beeld
  • Abonneer / Subscribe

    Abonneer je op de PAX blogs en ontvang een bericht bij nieuwe posts.

    Enter your email address:

    Delivered by FeedBurner

  • Nieuws op paxvoorvrede.nl


PAX